Vandaag hoorde ik de bomen praten
Vandaag hoorde ik de bomen praten
Ze fluisterden mij heel zachtjes toe
‘Ben jij de winter ook zo moe?’
De kale eik, hij zuchtte
Een koude bries in ‘t lege bos
We willen bladeren in onze kruinen
En weer eens even lekker los
Maar nee, we zitten opgescheept
met wandelende gezinnen
die niet weten wat ze moeten doen
Met vaders die een balletje trappen
Alleen maar voor het goed fatsoen
Ik ben zo zat van dat schorem
zei de grote zware Eik.
De opgeklopte vrolijkheid,
het onuitgesproken familie gezeik
Ik klopte maar eens op zijn bast
De winter was ook lang geweest
Laat je maar eens lekker waaien
Laat je maar eens lekker gaan
‘k Weet zeker, zei ik.
’t kan niet lang meer duren
Die mooie zomer komt er aan.
(N.J. Murre, 2013)